Onderling

DANKBAAR

Al die tijd klinkt het terecht
is zijn hart nog niet ontloken

dus wacht zij uitdagend
hoe de vreemdeling

dank zegt om het prille licht
in zijn zojuist doorgronde engte.

GEVOERD

Zij treft mij met haar eenvoud
in mijn goudomrande gondel

ooit zal ik om haar
wanmoed delen in de drift

en handelbaar bezinken
als ontroerde medemens.

MAG MEN HAAR

Mag men haar bewonderen
mag men haar ogen wegen
haar handen dragen
haar huid en geur nabij zijn

zal men kijken naar haar
en haar goedschiks groeten
zal men namen noemen
wetend dat zij jij heet.

STRELEND

Al ben je mooi in elke
wending weer verrassend

en droom ik
van een teder spel

van oog tot oog wil
schoonheid gaan in liefde.

CONFRONTATIE

Sla me mijn wapens
onverhoeds terneer
jij breekt iets

hooggeachts in mij
het doorluchtig dromen
wankelt

nu jij ziet
hoe ik hier nergens
iets wezenlijks te zoeken had.

SONOBORE

Sonobore je bent
niet alle steenhars kwijt

er is het gruis nog
een laatste rest vergaansel.