Ongekend Hunkeren

VISIE OP HAAR SCHOONHEID

Levenslust in sterrenglans
en glimlach van verlichting
zo ontstaat een pukkeltje

kijk iemand danst onwennig
om de dag dat god haar
vol vertrouwen licht gaf.

HUNKEREN

In dagen van voedzame stilte
bloeit haar ongevormde geest
op volle lentekracht

haar jeugd neemt me de adem
leven is door licht bewogen liefde
en alles koestert zich hierin

dit hunkeren doet geen pijn
voor wie deelt steeds dorstiger
haar vurige herkomst.

HAAR WEZEN

Ordeloos lijkt haar wezen
maar dagelijks voedt zij
zich met eenheid

dan flonkert het juweel
waaruit haar ogen zingen
wentelliederen van geluk

o zij behoort aan niemand
maar ieder lijden wordt gelest
ook de onverwachtste wanen

ontneemt zij zacht hun werking
opdat elke vermeende eigenaar
zich ongemerkt gewonnen geeft.

VERSCHIJNSELEN

Vóór de visie
hoe weinig gedreven
blijft elke plant een bijproduct

tijdens de wenteling
ontsloten de stroom
worden alle bomen melkweg

na aankomst
gestaag dit overschrijdend
gutst sap door allemans oog.

WORDING

Het vage bed dat ons ontving
kent vele vormen van
ontwijken alles argwaan

gekneveld zoek je
zegening in nachtzoen
omzichtig

maar goed er groeit
iets wordt genoemd
hoe kenbaar wil je zijn

uit niets
treedt iemand aan
die jou weet tijdloos

broos wennen aan
het onbekende maakt
ons telkens anders

geen keus op vreemd
terrein vraagt ieder
keerpunt eenvoud

“Als alle leven groeien is
heer toon ons dan
de richting” zingt het

waarop een blauwe wolk of
was het toch de oude steen
zich lachend geeft:

“Er heerse eendracht
rusten in je kern is
wild bewogen worden.”

HET ENE

Het ene heerst
over leven en dood
het bindt wat opgaat
lost wat scheidt

het ene vervormt alle vormen
ook ik word zo herschapen van
het ene zijn wij kind en verwekker
buikklank grondtoon hemelzang

het ene laat zich niet bevragen
door wie innig wordt verwoord
geef je over en wees stil
verga krachtig.

KRAAIEROEP

Door de ochtendnevel
krast een kraai

onverbiddelijk
dit leven.

DIERBAAR

Het goede morgen zeggen
liefste mis ik wel het meest
nu wij het licht alleen begroeten

uit nachtzang wenken ijle handen
ons de dag in als drijfzand
beadem jij mijn geest.

GROET

Is dit niet juist
wat wij delen pure
leerschool van pijn

wetend dat
liefde waart door
onze minste vormen.