Wiswerk

OUD NIEUWS

In lichte oudheid ontmoette ik
mijn grootste held – hij zei
ik zal huilen van vreugde
zodra jij mijn huid doorboort
en ons niet langer propageert
als bijzondere levenssoort

sindsdien laat mijn hart
van toewijding en verlangen
me herinneren aan die normaliteit
door alle leven te zien ademen
in oogopslag na oogopslag
bewogen waarheidswerking

zo treed ook jij mij binnen
en groeten wij elkaar volwaardig
voordat het rooster wordt verkondigd
waarmee het reinigen begint
als kaalslag rond de volheid
van ons nooit geboren bestaan

nu mettertijd blijkt dat niemand
rechtspreekt over motief of methode
zolang de stroom diep gloeiend
ieder sterfelijk weefsel smelt
buig ik des te respectvoller
voor wat ik ooit te horen kreeg.

HET REINE

Dit lichaam is een beeld, Plato
zei het toch – alle licht
slaat schaduwen
op leem

grenscorrecties
laten ons zwabberhoofd
dromen over het kiemen
van een glimlach

monsterlijker weefsel nog
rond het gloeien
van ons moeizaam beminnen
is boeddha’s vertrouwd

daarom ga ik dieper
eerder daar waar echoloos
ieders adem pulseert
liefste – zo lang al

wil vurig
uit koestering ontwaakt
doorheen alle dracht ons hart
behoed en bemoedigd

vieren
hoe Plato’s nooit te verbeelden leraar
ons volkomen in het reine offert
zijn stoere bevrijdingsbeker.

INGEDAALD

Vijf minuten houvast
om verontrust te herademen
kosmisch machtsvertoon

acute zinnenwerking
niet traceerbaar krachtiger
dan solide contracten

broze boeketten herinnering
en lauwe beloften – nee, geef me
serum van betekenisvoller gif

moge dit precair verval ons
allen uiterst secuur kokhalzen
naar ultieme bevrijding

diepst ontwaakt fijnst geboren
uit niets bewegend weefsel van
intens vitaal oerverband

laat ik steeds krachtiger zuiverder
kijken naar de dolende mens
zo duister en vreemd miskennend

de tekens van werkelijk lijden
in ieders amechtig veruiterlijkte huid
dit desondanks nog lichtjes dromend

zielsverrukt vlokje
dat alle wezens ondoorgrondelijk lief
vergunt hun ongeboren aard.