Vredeskunst

“De Weg leidt naar
het einde van de Weg.”

Boeddha

1

Tijd en stof te over
voor een slijtgraag
verhaal aan het venster.

2

Benoem onvrede
in orde van willekeur
nachtvlucht perzik pijnlijk
aanwezig herinnerd worden
aan druk belichaamd
alleen zijn.

3

Uitzicht en afweer
biedt nectarverwoording
greep op een zich onthoudend
aanbod van nooit
aan mensengeest bestede
belofte.

4

Daar is woede
en wanhoop werkelijke
onmacht die zelfs oceanen
stomt zo vertrouwd
sijpelt door mijn bodem
lijkvocht.

5

Hoor
geschoolde
angst voor
sloop
na
schande.

6

Inmiddels tovert schoonheid
zo fijnzinnig
voorschot
op het zalig toeven
dat dartelbrein niet anders
kan dan kwijnen.

7

Ziek van
mergwaan
mijdt men
‘s avonds
helder
maanlicht.

8

Met lege handen
geurig als een kind
stap ik ‘s ochtends
vroeg de deur uit
het huis heeft nooit
gediend als nu.

9

Vreemde
gloed
moed
in plaats
van
onmacht.

10

Het geheim dat bezegelt
maakt ons vaag
gegeven dit
is een feit
waaruit vergeefs
men conclusies trekt.

11

Waarin resulteert een boom
welke omvang heeft adem
waar begint terugreis
wat zegt zang
waarop wachten
wie leeft.

12

Marionetten
van onwetendheid
beleeft de dood
ons vredig
met voorwerp en
betekenis.

SLOT

Verblijf in de geest van het gulle
gedenken laat niemand zich
anders dan dansend bezien anders
dan meegaand op deun van verlangen
uit innigst besef dat men binnen
verdwijnt.