Poëzie is geen performance

Wie leegte kent,
verschilt er niet van.

Poëzie is geen performance, zoals er ook een verschil is tussen poëzie en muziek (hoe verwant ze van oorsprong ook mogen zijn). Poëzie is woordkunst: heilige verwoording van diepste bedoeling.
Heftigheid en diepte zijn niet hetzelfde: een schreeuw kan nikszeggend zijn, en een intieme uitspraak heel betekenisvol.

Maar als de beleving ontbreekt in ons bestaan, als de zin onvoldoende voelbaar is, neigen we ertoe die te máken, via geschikte condities, via beeldvorming en invulling. We profileren ons dan op een uiterlijker manier dan onze ware identiteit vereist.

Dat maakt de dichter die we zijn tot een zelfbeeld, een constructie, een project – en de respons daarop moet dan de zin ervan bepalen en de juistheid ervan bewijzen.
Dit is de omgekeerde wereld, want de enig betrouwbare zin is je eigen bewogen worden en de juistheid ervan ligt in de volheid die je ervaart.

Poëzie ontstaat van binnenuit – en gaat over het totaalbestaan dat we zijn, het mysterie van leven en dood, van liefde en vrijheid. Dat omvat meer dan een boeiende of dramatische presentatie.